Willem Wander van Nieuwkerk componist

nederlands · english

Muziek alle werken

Op CD

Meer informatie / bestellingen

Laatste update: 17-09-2014

Muziek > Trio (2004c)

Trio

Viool, klarinet, piano

  1. Mesticcio
  2. Nocturne
  3. Jeu-parti

Duur: 17'

Opdracht van het Bartók Trio (Nancy Braithwaite, Marta Abraham, Bas Verheijden), met financiële ondersteuning van het ThuisKopiefonds. Première november 2004, Kromme Rijn Concerten Nederlands Hervormde Kerk Bunnik.

Deze audiofragmenten komen uit de opname die de Concertzender maakte van de première. Deel 2 en 3 zijn ook op de homepage te downloaden in een audiofiele (kunsthoofd) opname door BINAURAL.


Iets over de muziek

Het Trio voor viool, klarinet en piano (2004) werd speciaal geschreven voor het Bartók Trio: Martha Abraham (viool), Nancy Braithwaite (clarinet) en Bas Verheijden (piano).
Evenals Bartók houd ik enorm van Haydn, Mozart en Beethoven, componisten die, net als hij, volksmuziek op een dramatische manier mengden in hun eigen stijl en daar elk op verschillende wijze de ‘sonate’vorm voor gebruikten.

Het eerste deel van dit Trio is een Mesticcio: een ‘gemengbloedige’vorm waarin verschillende muziekstijlen elkaar ontmoeten, waarvan de exotische wortels toenadering zoeken in de schier eindeloos diepe grond van de sonatevorm - al is dit een sonate zonder de gebruikelijke terugkeer van thema’s. Milde, lyrische klarinetlijnen staan recht tegenover de nerveuze ritmiek van de viool. De piano, die deze kaleidoscopische contrasten aanvankelijk ondersteunt, besluit met een roep tot verzoening.

Het tweede deel is een grillige Nocturne in de stijl van Bartók’s ‘nachtmuzieken. Met gamelanklanken schildert de piano een tropische nacht waar viool en klarinet koortsachtig pogen elkaar tot een soort Hongaarse dans aan te zetten, daarin steeds opgeschrikt door een schim uit het duister: die van de componist Arnold Schönberg (met een kort citaat uit de zesde van zijn Sechs Kleine Klavierstücke, opus 16, in memoriam Gustav Mahler). Net als bij Bartók speelt de Indonesische gamelan hier een grote rol (met name een melodie van een Balinese duivelsdans), maar voor mij als Indische Nederlander heeft dit natuurlijk een andere emotionele bijbetekenis dan voor Bartók.

Het derde deel heet Jeu-parti, naar de beurtzang tussen minnaar en geliefde bij de troubadours en trouvères. De drie instrumenten zingen elkaar (weer) in verschillende stijlen toe, wat uitmondt in een tango-achtige dans. Die wordt door de piano beantwoord met een parafrase van de prachtige melodie die ik vond in Valerius’ ‘Gedenck-Clanck’ uit 1626: ‘Come Sheap-herders deck your heds’. De tango, gecombineerd met verschillende motieven uit de eerdere delen, brengt het stuk tot een einde.

Het stuk werd geschreven met steun van het ThuisKopie Fonds.

Partituurvoorbeelden

Klik op een afbeelding voor een grote versie.

Audiofragmenten

Klik op een audiofragment om het af te spelen. De speler opent zich in een pop-up.